nr.91 Belrondje (15 feb. 2007)
De techniek schrijdt voort. Televisies worden platter, auto's weer groter, het milieu steeds vuiler en het weer almaar natter. En telefoons zijn niet alleen steeds mobieler, maar kunnen fotograferen, betalen en zelfs door artsen gebruikt worden om mee te telefoneren. En naar patiënten nog wel. En het mooiste is; ik bén één van die patiënten.
Zo kon het dus gebeuren dat ik eergisteren een echte arts live aan de telefoon had. En nog wel keurig op tijd. Er was mij namelijk verteld dat er tussen 12 en 1 uur gebeld kon worden. Natuurlijk had ik mij er - door ervaring wijs geworden - helemaal op ingesteld dat er dus niet eerder, waarschijnlijk later, dan 1 uur gebeld zou worden. Gaat om 10 over 1 de rinkel al. Gelijk in de war, want ik zou alles opschrijven, maar had natuurlijk pen en papier nog niet klaar liggen. Maar goed, het ging natuurlijk over het onderzoek van vorige week. Nou, dat bleek gewoon te zijn zoals ik vorige week al dacht: er zit wel vertraging in mijn zenuwen, maar die is dusdanig dat het mild wordt genoemd. Met andere woorden: het valt (nog) wel mee. Best goed nieuws dus.
Vandaag mocht ik weer een werkbezoekje aan het ziekenhuis afleggen. Aan het priklab, want - u raadt het al - de eerstvolgende controle staat weer voor de deur. Spánnend! Gelukkig maar, want ik begon een beetje in te dutten en nu heb ik weer iets om naar toe te leven. Volgende week donderdag is de dag, dus.... wordt vervolgd!
nr.90 Hoogspanning (7 feb. 2007)
Gisteren mocht ik weer naar het Flevoziekenhuis. Verlengsnoer mee, want er wordt stevig verbouwd in het Flevo en het zal me niet gebeuren dat er niet ge-elektromygrafied kan worden omdat de stroom tekort is. Valt met toch elke keer weer tegen hoe nerveus ik ben voor zoiets. Het is natuurlijk al twee keer gebeurt dat ik nietsvermoedend voor een controle ging en gelijk mocht blijven.
En word je geroepen en ben je aan de beurt. Ik loop achter de verpleegkundige aan naar het einde van de gang. Knik even naar de bewaker die loom de openstaande nooddeur zit te bewaken en ga de onderzoekkamer binnen. Het onderzoek zelf was vrij eenvoudig: er wordt gemeten hoe lang een electrisch stroompje erover doet om door een zenuw te gaan. Dat doen ze als volgt: er worden electroden op je arm (of been, of iets anders) geplakt. Dan wordt er een stroompuls door dat lichaamsdeel gejaagd en meten maar. Doet de computer hoor, kan geen stopwatch tegenop.
Alleen die stroompuls. Daar gebruiken ze een apparaatje voor dat nog met meeste lijkt op zo'n electrogun die je wel eens in Amerikaanse televisieseries en computergames ziet. En dat zetten ze dus op je lichaam en halen dan zonder blikken of blozen de trekker over. Nou ja, zo erg is het nou ook weer niet. De binnen kant van je knie kan ik echter niet van harte aanbevelen.
Ongeveer halverwege het onderzoek hoor ik een geluid dat nog het best lijkt op een soort van boormachine. Op zich niet vreemd, want er wordt immers flink verbouwd. "Dat is de bewaker die op de gang zit". "Ha, ha, grapje", denk ik en geef me weer over aan de hoogspanning. Ze doen de gekste dingen om je op je gemakt te stellen. "De arts moet ook nog even een onderzoekje doen, ik zal hem even bellen". Even later komt de arts binnen. "Die bewaker zit alweer te slapen", zegt hij, gaat zitten en steekt zonder te waarschuwen een naald met daaraan een draadje in mijn onderbeen. Na wat heen en weer poeren is hij klaar. "Zo, ziet er goed uit, ik ga weer. Kijk gelijk of die vent al wakker is", en weg issie. Hij zat dus echt te slapen. Die bewaker dan. Ik voel me direct een stuk veiliger.
De resultaten bleken gelukkig behoorlijk mee te vallen. De zenuwtjes zitten binnen de normen en daar ben ik heel blij mee. Ik krijg volgende week pas de officiële uitslag, maar dit is toch alvast mooi meegenomen...
nr.89 Elektromyografie (2 feb. 2007)
Ja, mooi woord hé. Elektromyografie. Een uitdaging voor Philip Freriks. Spreek dat maar eens zonder hapering uit.
Afgelopen woensdag had ik weer een ziekenhuisdagje. Niet de hele dag natuurlijk, maar een paar uurtjes waren het toch wel. Afspraak met de neuroloog. Voor de zenuwen. Nee, niet nervositeit, maar echte. Zoals wellicht bekend doen mijn zenuwen in onderbenen en handen het ietsje minder (zie ook Medicijnen>Thalidomide>bijwerkingen). Mijn eigen specialist wilde eigenlijk wel eens weten hoe slecht of hoe goed het eigenlijk was. Dus op na de neuroloog, na de nodige wachttijd tenminste.

Ik had het niet verwacht, maar ik kreeg al direct een onderzoek, manueel weliswaar, maar toch. "Ik ga u nu beurtelings prikken met een scherp en een zacht voorwerp en dan moet u zeggen of het scherp of zacht voelt". Scherp viel mee, het was een prikkertje. "Hoe voelt dit?" Ik zei "scherp" en had het gelijk goed. "Zal ik nu mijn ogen dichtdoen, om het moeilijker te maken". Dat mocht.
Om een lang verhaal kort te maken; het bleek alleszins mee te vallen, maar ik mag aanstaande dinsdag terug komen voor een electrische uitvoering van het onderzoek, de eerder genoemde elektromyografie. Worden er allerlei electroden aan me gehangen en met electrische stroompjes gaan ze meten hoe snel de zenuwen nog zijn. Nou, ik ben benieuwd. Wordt dinsdag vervolgd....

home/weblog
pagina
site
extern











