Inleiding
Bij een punctie in de beenmergholte kunnen twee soorten materiaal worden afgenomen:
- beenmergpunctaat (aspiraat): door de in het beenmerg ingebrachte naald worden met een spuit losse beenmergcellen opgezogen voor onderzoek. Dit heet een beenmergpunctie;
- beenmergbiopt: de in het beenmerg gebrachte naald wordt ongeveer twee centimeter in de beenmergholte geschoven. Daardoor blijft in de naald een stuk beenmerg (met botdeeltjes) zitten, wat met de naald naar buiten wordt gebracht. Dit heet een beenmergbiopsie.
Beide materialen kunnen met dezelfde naald, door dezelfde gaatjes in de huid en het bot worden verkregen. U hoeft dus voor het verkrijgen van zowel de beenmergcellen als het stukje bot maar één keer geprikt te worden Het is niet altijd zeker of beide materialen (punctaat en biopt) nodig zijn. Daarom worden meestal beide materialen tegelijk/na elkaar
afgenomen.
Het beenmergpunctaat (de losse beenmergcellen) wordt gebruikt voor microscopisch en DNA-onderzoek. Dat onderzoek gebeurt in het hematologisch laboratorium door de hematoloog. Het beenmergbiopt (het pijpje bot) wordt ontkalkt en daarna microscopisch bekeken door de patholoog.
Het onderzoek
Doorgaans wordt geprikt aan de achterzijde van het bekkenbot links of rechts van de wervelkolom. U ligt op uw linker- of rechterzij. Alleen bij
uitzondering wordt wel eens in het borstbeen geprikt. Als er in het
borstbeen wordt geprikt, kan er alleen een beenmergpunctaat worden
afgenomen.
U neemt plaats op een bed of onderzoeksbank en wordt verzocht om
de kleding ter plaatse naar beneden te doen. Nadat de plaats is bepaald
waar het punctaat/biopt wordt afgenomen, wordt de huid gedesinfecteerd
met jodium en daarna verdoofd. Vervolgens verdooft de hematoloog
ook de plaats op het bot waar de naald in het bot zal worden geschoven.
De hematoloog checkt of de verdoving voldoende is ingewerkt, waarna
de bioptnaald wordt ingebracht en beenmerg wordt opgezogen. Op het
moment dat de naald in het bot wordt gestoken, kunt u enig geduw
voelen. Het moment van het opzuigen geeft een aparte korte pijnsensatie.
Deze kan uitstralen tot de tenen. Het onderzoek duurt ongeveer tien
minuten.
Na het onderzoek
Na het onderzoek wordt de plaats van het biopt afgedekt met een gaasje en pleister. U wordt verzocht om nog tien minuten op uw rug te blijven liggen. U drukt daarmee zelf de plek af. De verpleegkundige controleert of er geen sprake is van nabloeden. De pleister kan bij thuiskomst verwijderd worden. Na het onderzoek kunt u weer normaal autorijden, douchen en werken. U kunt last houden van een beurs gevoel op de punctieplaats. Dit moet na een aantal dagen wel overgaan. Bij aanhoudende klachten dient u contact op te nemen met uw arts

home/weblog
pagina
site
extern

Dit zijn wij, Alex, Edwin, Marjan, Christian en vooraan Vera Vonk. Om die tweede van links gaat het. Dat ben ik dus, Edwin Vonk, 49 jaar en sinds augustus 2004 weet ik dat ik de Ziekte van Kahler (Multipel Myeloom) heb. Onze ervaringen (en meer) zijn te volgen via deze site. 




